Van Pakse naar de grens met Thailand (Chong Mek): Transportgids
Je zit in Pakse. Je hebt de Bolaven Plateau-cirkel gedaan, de Wat Phou in je opgenomen en nu wil je de grens over. De Thaise kant heet Chong Mek.
Dit is een van de meest relaxte grensovergangen in heel Zuidoost-Azië. Geen drama, geen uren wachten.
Het is een kwestie van een paar uurtjes reizen en je staat in Thailand. Ideaal voor backpackers die hun rondreis door Laos combineren met een bezoek aan Isaan of een trip naar Bangkok. Deze gids legt je precies uit hoe je die 100 kilometer overbrugt, zonder stress en met een glimlach.
Waarom deze grensovergang jouw volgende stap is
De overgang van Pakse naar Chong Mek is populair om een simpele reden: het is de meest noordelijke grensovergang in deze regio.
Als je vanuit het zuiden van Laos (Pakse, Bolaven) richting het Thaise Isaan wilt, of door naar Bangkok, is dit jouw startpunt. De Mekong vormt hier de grens.
Aan de linkerkant Laos, aan de rechterkant Thailand. De sfeer is gemoedelijk. Je stapt letterlijk van het ene rustige dorpje in het andere. Veel reizigers gebruiken deze route om hun Laos-avontuur rustig af te sluiten.
Chong Mek zelf is een klein stadje, maar een logische hub. Vanuit hier pak je makkelijk een bus naar Ubon Ratchathani, de dichtstbijzijnde grote Thaise stad.
Vanuit Ubon kun je alle kanten op. Naar het noorden naar Loei, of naar het zuiden naar Bangkok. Het is een wereld van verschil: in Pakse huur je nog een scooter voor een eurootje, in Chong Mek staat de airco aan en de stapel Thaise baht op je te wachten.
De opties op een rij: Minivan, bus of local?
Er zijn grofweg twee manieren om van Pakse naar Chong Mek te reizen. De minivan en de lokale bus.
De minivan is de snelle, comfortabele optie. De bus is de goedkope, lokale ervaring. De reis duurt ongeveer 2 tot 3 uur, afhankelijk van hoe snel je de grensprocedure doorloopt.
De wegen zijn redelijk, maar verwacht geen Duitse autosnelweg. Het is een tweebaansweg door de Laotiaanse jungle en landbouwgebieden.
De minivan is de populairste keuze voor de meeste toeristen. Je stapt in Pakse in bij een van de vele reisbureautjes of rechtstreeks bij de minivan-standplaatsen. Ze brengen je tot aan de Thaise douane.
Je betaalt voor de hele rit, inclusief de grensovergang. De chauffeurs weten precies hoe het werkt en helpen je soms zelfs met het invullen van formulieren.
Je zit wel wat krapper dan in een bus, maar je bent er sneller.
De lokale bus is een avontuur op zich. Je moet eerst met een tuk-tuk naar het busstation van Pakse (meestal het noordelijke busstation). Daar stap je op een bus die onderweg overal stopt. Boeren, monniken, schoolkinderen: iedereen stapt in en uit.
De rit is goedkoper, maar duurt langer. Je bent een stuk minder comfortabel, maar je ziet het lokale leven van dichtbij. Een echte backpacker-ervaring.
De rit zelf: Van Pakse tot de Mekong
Je begint je reis in Pakse. Als je voor de minivan kiest, word je meestal opgehaald bij je guesthouse of een centrale verzamelplek. De bus vertrekt vanaf het busstation.
De eerste twintig kilometer kronkelt de weg door de buitenwijken van Pakse.
Dan openen de groene velden zich. Je rijdt langs rijstvelden en bananenbomen.
Houd je camera paraat, vooral als je een stoel aan de linkerkant hebt. Je hebt af en toe zicht op de machtige Mekong in de verte. Na ongeveer anderhalf uur kom je aan in het dorpje Veun Kham.
Dit is de Laotiaanse grenspost. De minivan stopt. Iedereen stapt uit. Net als bij het vervoer naar de grens met Vietnam, loop je hier met je paspoort naar het hokje van de immigratie.
Zorg dat je je landingskaart (je krijgt die bij aankomst in Laos) bij de hand hebt. De stempel is snel gezet. Daarna loop je de brug over. De brug over de Mekong is een ervaring op zich.
De rivier is hier breed en indrukwekkend. De rit duurt in totaal ongeveer 2,5 uur inclusief stop.
Stap voor stap de grens over: Chong Mek
Aan de Thaise kant land je in Chong Mek. De Thaise immigratie zit direct aan het einde van de brug. De procedure is simpel.
Je vult een formulier in (vaak al klaarliggend), je geeft je paspoort, en je krijgt een stempel.
Voor de meeste Europeanen is een visum voor Thailand niet nodig voor een verblijf tot 30 dagen. Check dit wel even van tevoren, regels veranderen soms.
Zodra je de Thaise douane door bent, sta je in Chong Mek. Hier verandert de sfeer. De bordjes zijn in het Thais, de valuta is de baht.
Direct na de grens staan taxichauffeurs en songthaews (open pickups) op je te wachten, net zoals bij het vervoer naar Huay Xai.
Ze brengen je naar het busstation van Chong Mek of naar het centrum. De rit naar het busstation kost een paar baht. Vanuit daar pak je makkelijk een bus naar Ubon Ratchathani. De bus naar Ubon doet er ongeveer 1,5 uur over.
Pro-tip: Wissel in Pakse je laatste Laos Kip niet om. Je kunt ze in Chong Mek nog kwijt voor een flesje water of een snack. In Thailand heb je echt Thaise baht nodig. Pinnen kan in Chong Mek, maar niet overal. Neem een beetje contant mee.
Prijzen en budget: Wat kost het?
De kosten voor deze grensovergang zijn zeer betaalbaar, zelfs voor backpackers met een strak budget. De minivan is het duurst, maar nog steeds spotgoedkoop.
- Minivan Pakse -> Chong Mek: Ongeveer €10 - €12 (120.000 - 150.000 Lao Kip). Je betaalt dit vaak in één keer bij de boeking. Ze brengen je tot aan de Thaise grens.
- Lokale bus Pakse -> Chong Mek: Ongeveer €5 - €7 (60.000 - 90.000 Lao Kip). Je betaalt aan de buschauffeur. Reken op een langere reistijd.
- Tuk-tuk Pakse -> Busstation: €2 - €3 (25.000 - 40.000 Lao Kip). Als je niet op loopafstand van de minivan-verzamelplek zit.
- Overnachting Chong Mek: Vanaf €10 voor een basic guesthouse. Er zijn genoeg opties.
- Bus Chong Mek -> Ubon Ratchathani: Ongeveer €3 - €4 (120 - 150 Thaise Baht). Een koopje.
De lokale bus is een koopje. Hieronder een overzicht van de verwachte kosten in euro's en lokale valuta.
Het totaalplaatje is dus dat je voor een tientje comfortabel de grens over bent. De lokale bus scheelt een paar euro, maar die paar euro zijn het comfort voor velen waard. Zeker wanneer je gaat reizen van Pakse naar Dong Hoi na een lange tocht door Laos.
Praktische tips voor een soepele overgang
Om er zeker van te zijn dat je dag soepel verloopt, zijn er een paar dingen die je goed moet regelen. Zorg dat je paspoort nog minimaal zes maanden geldig is.
Dat is in Azië een standaard eis. Zorg ook dat je voldoende lege pagina's hebt voor stempels. In Laos en Thailand controleren ze dat streng.
Wat moet je meenemen? Een kleine rugzak is het makkelijkst.
Grote backpacks kunnen in de bagageruimte van de minivan. Zorg dat je water bij je hebt. De hitte kan flink toeslaan, zeker als je staat te wachten bij de grens.
Neem ook wat snacks mee voor onderweg. De stops zijn minimaal.
Timing is alles. Probeer 's ochtends vroeg te reizen.
De minivans vertrekken vaak rond 8 of 9 uur. Zo ben je rond lunchtijd in Thailand en heb je de rest van de dag om Ubon te verkennen of door te reizen. Vermijd de middaghitte en de drukte. De grens is 's avonds dicht, dus zorg dat je op tijd bent.
Een laatste ding: je telefoon. In Laos had je waarschijnlijk een lokale Sim.
In Thailand werkt die niet. In Chong Mek kun je direct een Thaise SIM-kaart kopen (TrueMove of AIS) bij de grens of in het dorp. Handig voor je eerste Thaise Uber of Grab. Zo stap je soepel het volgende avontuur in.
